2025| Griekenland - Week 3
DUITSLAND |FRANKRIJK | ZWITSERLAND | LIECHTENSTEIN | ITALIË | SAN MARINO | VATICAANSTAD | GRIEKENLAND | NOORD MACEDONIË | KOSOVO | MONTENEGRO | KROATIË | BOSNIË-HERZEGOVINA | HONGARIJE |SLOWAKIJE | OOSTENRIJKZaterdag 11 oktober.
Alhoewel we niet zo’n mooie zonsopkomst zien als gister is het uitzicht over de vallei ook zeker niet slecht. We moeten er op tijd uit. Om half tien worden we verwacht bij de receptie waar een shuttle busje ons naar archeologische site van Delphi brengt. Samen met twee andere koppels stappen we in en een kwartiertje later stappen we voor het museum uit. Daar kopen we twee kaartjes a 20€ en wandelen dan als eerste naar de archeologische site.
We wandelen langs de opgegraven Tempel van Apollo, De Sacred Way de processieroute naar de tempel, langs talrijke schatkist-gebouwen van verschillende Griekse stadstaten en het stadion waar de Pythische Spelen werden gehouden. Gelukkig zijn we vroeg daar want naarmate het dichter naar de middag gaat wordt het ook steeds drukker.
Helaas is het sanctuarium van Athena Pronaia afgesloten dus rond half twaalf lopen we terug naar het museum. Dit zit overigens bij de prijs in. Na het bezoek aan het museum pakken we iets te eten en te drinken op het terras voordat we om half twee weer worden opgehaald door de shuttle bus. Een boeiende ochtend rijker.
Gisteren toen we eenmaal terug waren op de camping hadden we gelijk weer een reservatie gemaakt in het restaurant, alleen deze keer met van te voren een olive tasting. Tot die tijd hangen we rustig rond bij de mobilhome. Jeannette neem een douche en Robert kijkt naar de finale van de ronde van Lombardije. ‘s Avonds krijgen we dan voor we iets eten de Olive tasting.
Eén van de twee eigenaars, de ander is zijn neef, verteld hoe de olijfgaard is ontstaan in 1844 en hoe ze om de zomermaanden te vullen ook een camping zijn gestart. Een interessant verhaal en gepassioneerd gebracht. Zelfs Robert proeft de verschillende olijven en vind het zelf a niet slecht. Dat is in ieder geval al heel wat voor iemand die geen olijven lust😊 Na het eten nemen we uit de winkel wat olijfolie mee en gaan dan terug naar de camper voor onze laatste nacht op camping Delphi.
Zondag 12 oktober.
Vanochtend doen we zoals gewoonlijk ons ding, Robert neemt nog een douche, we bekijken nog even de herder die met zijn geiten de berg afkomt, schonen het grijs water en het toilet, vullen ons schoon water en laten dan de camping achter ons. Uiteraard na te hebben betaald. Het eerste stuk van de route is door de uitgestrekte olijfboom velden. Sommige al een dr ie duizend jaar oud.
Kilometers lang zien we links en rechts niks anders dan olijfbomen. Daarna trekken we de bergen door, passeren nu Lamia en komen dan aan bij Lake Smokovo. Daar hebben wat leuke plekken gevonden om te overnachten. De eerste plek is prima maar het is wat lastig om een rechte plek te vinden dus rijden we eerst maar eens verder. De tweede plek is ook prima, daar staan we wel recht zonder hulpmiddelen dus daar blijven we. In een heerlijk zonnetje zitten we buiten, als we bezoek krijgen van een boer in zijn terreinwagen.
Hij spreekt geen Engels maar hij belde zijn dochter en die vroeg in vloeiend Engels of we misschien de koeien hadden gezien. Ze waren van het dorp aan de andere kant van het meer en ze zochten het vee. Helaas hebben we niks gezien maar we houden het in de gaten. De rest van de middag zien we niemand meer. Op de eerst plek waar we probeerde te gaan staan staat nu iets hoger een campervan. Voor de rest niks dan rust. Heerlijk.
Maandag 13 oktober.
Wat een heerlijke rustige nacht. Na de boer van gistermiddag hebben we niemand meer gezien of gehoord. Robert is op tijd wakker en ziet weer mooie oranje luchten met mooie mist over het meer. Tegen half 10 vertrekken we richting Meteora. Dat bekendstaat om zijn reusachtige zandstenen rotsformaties waarop eeuwenoude kloosters balanceren. Deze kloosters, oorspronkelijk gebouwd door monniken die de eenzaamheid zochten, behoren tot de belangrijkste spirituele centra van de Grieks-orthodoxe kerk en staan op de UNESCO Werelderfgoedlijst.
Het is maar een goede 90 kilometer en iets meer dan een uur rijden. Onderweg stoppen we nog bij de Lidl omdat we dringend nog wat boodschappen nodig hebben. Eenmaal in de buurt van Kalabaka zien we de rotsformaties al verschijnen. We draaien af en rijden naar het eerste uitzichtpunt. Het Meteora sunset view point. Daar hebben we voor het eerst een prachtig uitzicht op de kloosters. Gelukkig is het daar nog niet al te druk en kunnen we de mobilhome nog parkeren.
We maken wat foto’s en genieten van dit prachtige uitzicht. Helaas mogen we geen klooster bezoeken met onze Stella waardoor we besluiten dat als we genoeg gezien hebben wel door te rijden. Na het sunset point rijden we de weg verder af naar een ander klooster. Daar houd de weg op en kunnen we draaien. De ander kant op stoppen we nog bij het Meteora viewpoint om de andere kloosters te bekijken. Dan is het voor ons genoeg. Het laatste stuk omhoog zien we al helemaal vol staan met auto’s en bussen. Wij slaan links af en gaan verder richting Chalkidiki.
We dalen af richting Kastraki en rijden langs Camping Vrachos Kastraki wat we kennen van verschillende vlogs. Het ziet er niet al te druk uit maar we laten ook dat achter ons. De route brengt ons weer over bergen dan weer door lange brede dalen. Allemaal even mooi om te zien. We zien zelf al sneeuw op de hoogste toppen. Omdat het te ver is om al helemaal naar Chalkidiki te rijden zoeken we nog een overnachtings plaats.
Uiteraard Het liefst weer een vrije plek ergens in de natuur. Gelukkig weet navigator Jeannette daar wel raad me en vind ze een plek met een kleine waterval in Vergina. Het blijkt een soort van natuurparken te zijn met een BBQ, wat tafels een schommel en een riviertje. Voor ons weer een prima plek voor de nacht. We installeren ons bakken wat hamburgers en genieten van de rust. Morgen weer richting de zee.
Dinsdag 14 oktober.
Gisteravond zijn er nog twee vrouwen op de plek geweest die wat dronken en weer vertrokken. Daarna nog twee keer een auto die naar een of ander zekering kastje ging kijken en dat was het. Tot vanochtend dus niemand meer gezien wat resulteerde in een heerlijk rustige nacht. Ook de lampen die er stonden gingen uit en omdat we onder de bomen stonden hadden we ook geen last van veel licht in de ochtend.
Tegen half 10 zijn we weer klaar om te vertrekken. Eerst richting een gratis camperplaats vlak voor Thessaloniki waarmee gratis kunnen servicen. De route gaat eerst tussen de fruitbomen voordat we een stuk grotere weg krijgen. Als we daar weer vanaf gaan moeten we eerst over een smalle houten brug waar maar 5T over mag en wordt er eerst getankt aan 1,46€ de liter en dan rijden we verder.
We pakken geen tolwegen waardoor we de soort van binnenring hebben van de grote stad. Ook daar komen we makkelijk doorheen en niet veel later komen we aan de CP. Op de toch wel grote plek staat nog een grote 4×4 vrachtwagen, een camper en een auto met caravan. Wij doen onze service en gaan dan verder.
Weer helemaal schoon en geladen met verswater gaan we verder naar Chalkidiki en wel de meest westelijke vinger genaamd Kassandra. We volgende de vierbaans weg tot het einde en zitten dan al halverwege het eiland. Jeannette heeft een dorpje, Nea Skioni uitgekozen om even te stoppen. In de haven vinden we gemakkelijk nog een parkeerplaats waar we de mobilhome neerzetten en gaan dan te voet even rond.
Ongelofelijk hoe uitgestorven het eigenlijk is. Waar Robert nog bang was voor te veel toeristen, waar daar staat dit deel om bekend, blijkt nu dus totaal het omgekeerde. In een van de weinige shops die openbaar kopen we een koelkast magneet en een hanger voor de rugzak van Jeannette en wandelen dan verder. Aan de haven stappen we dan binnen binnen restaurant waar nog wat toeristen zitten. We bestellen allebei een visschotel, Jeannette met spaghetti, Robert met risotto. Een salade met tzatziki vooraf en we hebben gelunched. Opzoek naar een plek voor de nacht.
Na onze verlate lunch gaan we op zoek naar een plek om te overnachten. Jeannette had gister al een leuke baai op het oog dus gaan we als eerste daar maar heen. Vanaf onze lunch locatie is het nog maar een kleine 10 kilometer dus das makkelijk. Als we echter na zo’n acht kilometer moeten afslaan weten we weer waarom we een 4×4 hebben gekocht. Nog ruim een kilometer is het offroad, je ziet overal van die diepe sleuven van waterstromen die naar beneden komen als het regent. Maar gelukkig ons nieuwe huisje op wielen kan het makkelijk af.
Als we dan aankomen aan de baai zien we al een Nederlands camperbusje staan. Daarvoor een groepje van 5 die liggen te zonnen. We parkeren op een vlak stuk en genieten van het zonnetje. Als de vijf voor ons na een half uurtje vertrekken blijken deze niet bij het busje te horen. Als Robert de drone op laat, komen er twee snorkelaars aan zwemmen. Ook zij blijken niet de eigenaars maar ze weten wel te vertellen dat het een Nederlands koppel is uit Utrecht. Niet veel later komen zei ook aan wandelen en maken we even kennis. Ze zijn hier al een nacht geweest en blijven ook nog een nacht staan. Als jeannette nog een duik heeft genomen en wat friet heeft gebakken in de air-fryer kijken we nog even naar de slimste mens en dan is het tijd om te gaan slapen.
Woensdag 15 oktober.
Met een heerlijk kabbelend zee’tje worden we wakker. Als we de weersvoorspellingen mogen geloven blijft het vandaag nog droog met wat bewolking maar gaat het vanaf morgen een aantal dagen regenen. We besluiten dan maar om Chalkidiki weer te verlaten en naar het noorden te trekken.
We zien dat het begin volgende week nog mooi weer is op de Transfăgărășan in Roemenië die we heel graag eens willen rijden. De Transfăgărășan is een van de spectaculairste bergwegen van Europa, dwars door de Karpaten in Roemenië. De route slingert zich met talloze haarspeldbochten omhoog tot ruim 2.000 meter hoogte, met adembenemende uitzichten over valleien, meren en bergtoppen. Oorspronkelijk aangelegd als militaire weg in de jaren ’70, is het nu een populaire route voor avontuurlijke reizigers — perfect voor wie houdt van indrukwekkende natuur, scherpe bochten en een vleugje adrenaline.
Maar eerst gaan we even kijken bij Mavrobara Turtle Lake. Het meer ligt op een hoogte van zo’n 200 à 300 meter. Ondanks zijn bescheiden omvang (ongeveer 2.200 m²) herbergt het meer meerdere zeldzame soorten waterschildpadden — onder andere Emys orbicularis en Mauremys caspica — die er hun toevlucht vinden.
Onderweg naar het meer stoppen we eerst nog bij een zelf car wash want ons Hymer’tje is behoorlijk smerig en er zit nog wat zout op van de bootreis. Helaas voor ons is het laatste stuk naar Turtle lake voornamelijk onverhard dus is hij gelijk weer smerig. Zo’n 700 meter voor het meer parkeren we de mobilhome in het bos en wandelen de laatste kleine kilometer naar het meer. Daar zien we inderdaad behoorlijk wat waterschildpadden rond zwemmen. Mooi om te zien in een prachtig gebied.
Na het schildpadden avontuur gaan we verder. Het eerste stuk tot Thessaloniki is hetzelfde als gister. Alleen op de ring rond de stad zijn we nog niet geweest. Daar hadden we gister een omweg omdat we moesten lozen. We hadden niks gemist blijkt. De hele ring is een bouwwerf omdat met bezig is met een nieuwe weg. Gelukkig kunnen we overal doorrijden wat het een beetje goed maakt. Eenmaal de havenstad voorbij rijden we over B wegen verder richting Dorjan Lake een groot meer op de grens tussen Griekenland en Noord-Macedonië.
Eigenlijk is dit niet de kortste weg naar de Transfăgărășan maar ja, omdat we nog altijd de 51 landen van Europa niet hebben gehad laten we de mogelijk niet onbenut om toch een nieuw land toe te voegen als we toch in de buurt zijn. Noord-Macedonië wordt dus land 33 op de lijst. Tenminste als we er een nacht geslapen hebben maar dat is morgen het geval. De grensovergang gaat vrij vlot. We hebben in de Balkan al erger meegemaakt. Eerst Griekenland uit en dan Noord-Macedonië in. Alleen bij de tweede wordt nog extra gevraagd naar de verzekerings papieren en als die in orde blijken mogen we verder.
Eenmaal de grens over blijven de weg langs het Doljan meer een stukje volgen alvorens we het binnenland in trekken. Opvallen toch hoe het hier toch weer helemaal anders eruit ziet als in Griekenland. Als we een aantal kilometers onderweg zijn stuurt Google ons ineens een weg in waar een tunnel is die maar 2,5 meter hoog is. Gelukkig is Robert oplettend en draait dus gelijk terug. De enige andere opties was tegen het verkeer in naar de weg boven de tunnel.
Dit is tot verbazing van een vrachtwagen chauffeur. Hij probeert met handgebaren duidelijk te maken dat je via die weg gewoon verder kan, ondanks het rode bord met witte streep erin. We zien het even aan, en als na de vrachtwagen ook andere wagens volgen sluiten we achteraan en vermijden zo een omweg. Niet veel later zitten we op een nieuwe vierbaans weg die ons tot vlakbij Winery Popova Kula brengt, onze overnachtings lokatie.
Na een wandeling ronde de winery en een aperitief in de mobilhome is het tijd om te gaan eten in combinatie met een wine tasting. Voor ons iets nieuws wat een Macedonische wij hebben we nog niet eerder gehad. Na het eten wat overigens echt Macedonisch was en ook zeer lekker hebben we twee wijnen uitgekozen die we wel mee willen nemen. Met twee dozen in onze handen gaan we terug naar de camper. Tijd voor onze eerste nacht in Macedonië is zoals ze hier zeggen in plaats van Noord-Macedonië.
Donderdag 16 oktober.
Wat een rare morgen. Ten eerste zijn we vroeg wakker, maar daar zit het uur terug in de tijd voor iets tussen. In Macedonië is het weer gewoon Belse tijd. Maar dan aan het ontbijt in de mobilhome zijn we aan het kijken waar in Bulgarije we heen zullen gaan. Er komen wat opties op tafel tot Jeannette ineens een plek bij een restaurant in Kosovo op het oog heeft. We kijken elkaar even aan en oké Robert is mee.
We laten onze Transfăgărășan weer achter ons en stellen ons weer in op Kosovo. In principe geen slechte keuze omdat we toch nog een keer naar Turkije willen en dan de route Roemenië, Bulgarije kunne doen. Kosovo is dan een land waar we nog niet geweest zijn tussen allemaal bezochte landen. Dus oké op naar Kosovo.
Omdat het toch wat bewolkt is kiezen we voor de makkelijke route. Over de grote weg en met tol, wat elke keer maar rond de euro is. Eenmaal voorbij Skopje zijn het weer B wegen en niet veel later staan we aan de grens. Omdat Kosovo niet op de “groene” verzekeringskaart zit moeten we daar ter plekke een verzekering aanschaffen. Dit kan in een kleine container net naarst de grens. We betalen 15 euro voor 15 dagen en kunnen dan verder.
Na de grens hebben we eerst een paar kilometer snelweg voordat we afslaan en overgaan op de kleinere wegen. Prima voor ons en we genieten van het mooie landschap. We ontdekken dat Kosovo behoorlijk bergachtig is aan de steile klimmen en afdalingen die we tegen komen. Soms zitten we bijna bij de sneeuwgrens. Met nog een kleine 20 kilometer te gaan, als we al behoorlijk zijn geklommen, geeft Google ineens aan dat we rechtsaf moeten een onverharde weg.
Een snelle blik of de map leert ons dat de weg rechtdoor ophoud en dat we dus of moeten omdraaien en de hele afdaling terug moeten gaan doen of we volgen de route. Nu zijn we al wat gewend met de oude mobilhome, vorig jaar in Spanje, dus besluiten we de route te volgen. In het begin gaat het nog wel maar na een paar kilometer zijn we dolblij dat we nu een 4×4 hebben. Onze offroad camper mag zich vandaag bewijzen.
Robert doet zijn best om zoveel mogelijk overhangende takken te ontwijken en de diepe geulen te mijden. Het is af en toe wat zweten maar naar zo’n 10 kilometer hebben we toch weer een stenen ondergrond als in een gewone weg. Onze camper heeft zich prima bewezen. Na nog wat smalle straatjes in de dorpjes arriveren we bij Adventure Camping Kosovo. We worden hartelijk verwelkomd door de eigenaar die prima Duits spreekt. Mag ook wel begrijpen we later omdat hij meer dan 40’jaar in Zwitserland heeft gewoond.. We worden gelijk uitgenodigd voor een k
Eerlijk is eerlijk, ondanks dat de camping nog volop in aanbouw is, zijn we zeer onder de indruk van het geheel. De huisjes die er zijn zien er prima uit evenals de faciliteiten zoals wc, douche en afwas ruimtes. Omdat er verder niemand is parkeren we achteraan met uitzicht over het in het dal gelegen Prizren. Jammer van de bewolking maar nog steeds een prima uitzicht. De rest van de dag vermaken we ons met spelletjes een douche en wat tv kijken. Nu maar afwachten wat morgen weer gaat brengen.
Vrijdag 17 oktober.
Als we wakker zijn en Robert Stella gaat uitlaten ligt er een zak met twee broodjes op het opstapje. Niet om gevraagd maar gewoon gekregen. We hadden er al iets over gelezen in de reviews maar super lief. We pakken onze tijd en zoeken een plek voor vanavond. Jeannette wil graag eerst even naar Prizren en dan door naar Montenegro. Het is rond half 10 als we nog even servicen en dan naar het huis van de eigenaar rijden. We bedanken hem hartelijk voor de goede ontvangst, de gastvrijheid en wensen hem geluk met de camping, want ze zijn nog in de opstart fase.
Vandaag pakken we de verharde route richting de start, eerst nog wel even geverifieerd bij de eigenaar, maar dan nog is het een behoorlijke afdaling. Eenmaal in de stad is het toch moeilijker om een parking te vinden dan gedacht. Daarbij regent het een beetje waardoor we besluiten de oude brug vanuit de camper te bekijken en door de stad heen te rijden. Nou dachten we tijdens onze reis door Vietnam dat ze een zooitje maakten van de elektriciteit kabels maar ook hier in Kosovo kunnen ze er wat van🤔
Niet veel later zetten we dan koers richting Montenegro. Het eerste stuk valt het insop hoeveel bussen en auto’s er naar Prizren gaan voor de UCK wat vertaald wil zeggen Kosovo Liberation Army. Waarschijnlijk is er in de stad iets te doen want daar zagen we ook al veel vlaggen en sympathisanten. Wij rijden gewoon verder richting Peja een stad bij de grens met Montenegro.
Nadat we nog even getankt hebben en twee magneten hebben kunnen scoren voor Robert, beginnen we aan de klim richting de grensovergang. Als eerst stoppen we bij de Kosovaarse douane. We moeten alle papierwerk laten zien en mogen dan verder. De rit naar de Montenegrijnse douane is zeker meer dan 10 kilometer. In dit stuk niemandsland worden we eerst verrast door borden dat er nog mijnen liggen langs de weg. We zien ook voertuigen van HALO Trust een organisatie die zich bezig houd met het ontmantelen ervan. Niet veel later zien we ook nog de restanten van de sneeuw die een paar dagen daarvoor is gevallen. Dan nog even door de douane controle van Montenegro, en we kunnen verder.
Als we de grens passages achter de rug hebben dalen we verder Montenegro in. Tijdens onze Balkan reis in 2022 waren we al eens in dit land en hadden toen al kennis gemaakt met verschillende panoramic routes. Ook nu weer volgen we die en maken een grote lus richting Plav waar we destijds hebben overnacht aan Lake Plav. Deze keer heeft Jeannette iets anders op het oog. Triangle Woodhouse.
Volgens Park4Night een camperplaats nu met maar een review, of eigenlijk alleen een plaatsing. Zoals alleen Jeannette dat kan blijkt dit ook weer een pareltje. Eenmaal bij Lake Plav passeren we onze plek van 3 jaar terug en rijden dan door het centrum van het dorp. Nog zo’n 15 kilometer te gaan. Ja je raad het bijna al, deze pareltjes die onze navigator elke keer weer vind zijn niet zonder onverharde wegen te bereiken. Zo ook nu met nog een 8 kilometer te gaan begint het als wat onregelmatiger te worden.
Met nog zo’n zes kilometer te gaan worden we gemaand te stoppen. We rijden een natuurpark in en we moeten 3 euro de man betalen. Daarna mogen we verder en de wegen worden er niet beter op. Maar vergelijken bij gister zijn ze vrij vlak en goed te doen. Op de plek van bestemming, althans dat geeft de navigatie aan, is het even zoeken waar we moeten zijn. Na wat draaien en keren zien we ineens iemand staan zwaaien. De man, Agro genaamd, heet ons hartelijk welkom in zijn guesthouse. We mogen ergens parkeren en dan als we zin hebben binnenkomen.
Nieuwsgierig doen we dat natuurlijk en krijgen we een hele uitleg over het guesthouse. Het is eigenlijk een plek voor hijgers die hier overnachten en zo probeert hij het toerisme hier wat op gang te krijgen, met ondersteuning vanuit Duitsland waar hij in de wintermaanden verblijft. Alles mag en niks moet, we worden gevraagd of we iets willen eten, lokale gerechten. We stemmen in en onder het genot van een biertje genieten we hoe Agro en twee vrouwen, een Duitse en een Montenegrijnse het eten bereiden. Wat we krijgen voorgeschoteld is niet te geloven, een soep, drie hoofdgerechten en een desert. De hoeveelheden zijn enorm maar oh wat is het lekker. Helemaal volgegeten en een leuke avond rijker wandelen we terug naar de mobilhome, morgenvroeg om half negen worden we aan het ontbijt verwacht. Omdat we gelijk naar binnen zijn gegaan hebben we nog geen foto’s van de omgeving, alleen van binnen, maar die komen morgen nog wel 😊
















































